Naar inhoud springen

handbal

Uit WikiWoordenboek
  • hand¡bal
enkelvoud meervoud
naamwoord handbal handballen
verkleinwoord - -

het handbal o

  1. (sport) teamsport waarbij de bal in het doel van de tegenpartij gegooid moet worden.
    • Handbal is een sport waarbij veelvuldig lichamelijk contact plaatsvindt.[1] 
enkelvoud meervoud
naamwoord handbal handballen
verkleinwoord handballetje handballetjes

de handbal m

  1. kleine bal waarmee men gooit.
enkelvoud meervoud
naamwoord handbal handballen
verkleinwoord handballetje handballetjes

de handbal m

  1. (anatomie) deel van de hand
vervoeging van
handballen

handbal

  1. eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van handballen
    • Ik handbal. 
  2. gebiedende wijs van handballen
    • Handbal! 
  3. (bij inversie) tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van handballen
    • Handbal je? 
100 %van de Nederlanders;
100 %van de Vlamingen.[2]