handstoffer
Uiterlijk

- Geluid: handstoffer (hulp, bestand)
- IPA: / ˈhɑntstɔfər / (3 lettergrepen)
- hand·stof·fer
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | handstoffer | handstoffers |
| verkleinwoord | handstoffertje | handstoffertjes |
de handstoffer m
- (huishouden) kleine borstel met handvat waarmee je vuil kunt opvegen; vaak gebruikt samen met een stofblik
- ▸ Om — ook onderweg — overtollige sneeuw te kunnen verwijderen, is enig gereedschap nodig: een (opvouwbaar) schopje, een handstoffer.[2]
- Het woord 'handstoffer' staat niet in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Taalunie.
- ↑ Woordenboek der Nederlandsche taal (1864-2001).
- ↑
Weblink bron H. Stemmer“Per auto naar wintersport beslist geen heksentoer” (16 december 1975) op nrc.nl
Categorieën:
- Woorden in het Nederlands
- Woorden in het Nederlands van lengte 11
- Woorden in het Nederlands met audioweergave
- Woorden met 3 lettergrepen in het Nederlands
- Woorden in het Nederlands met IPA-weergave
- Samenstelling in het Nederlands
- Zelfstandig naamwoord in het Nederlands
- Huishouden in het Nederlands
- Niet in Woordenlijst Nederlandse Taal