Naar inhoud springen

vr.

Uit WikiWoordenboek
Andere schrijfwijzen Niet te verwarren met: vr, VR
  • vr.

[A] de vr. m

  1. (afkorting), (tijdrekening), (dag) vrijdag, de vijfde dag van de werkweek
    «De vergadering is vr. 14 aug. a.s.»
    De vergadering wordt op vrijdag 14 augustus aanstaande gehouden.
  • Echte afkortingen worden als regel met een punt geschreven, maar in opsommingen waar uit de context al duidelijk is dat het om de naam van een weekdag gaat is het gebruikelijk om de punt weg te laten: vr [1].
stellend
onverbogen vr.
verbogen -

'[B] vr.

  1. met betrekking tot vrouwen
  2. (taalkunde) met of horend bij vrouwelijk woordgeslacht
    ▸ Mens is uitsluitend m., maar persoon is m. en vr.[2]

[C] vr.

  1. voor
  1. ↑ Afkortingen van de dagen van de week op website: taaladvies.net; geraadpleegd 2016-10-26
  2. ↑ Bronlink geraadpleegd op 16 maart 2025 Weblink bron
    C.G.N. de Vooys
    Kroniek en kritiek. Moeielikheden bij de ‘bepaling’ van het mannelik en vrouwelik woordgeslacht. in: De Nieuwe Taalgids., jrg. 26 nr. 3 (1932), J.B. Wolters, Groningen / Den Haag / Batavia, p. 142